Hoe de nieuwe golf in de appartementen van Ipanema ontstond
De late jaren 1950 in Rio de Janeiro werden gekenmerkt door een sfeer van optimisme, modernisering en een jonge, burgerlijke generatie in de wijk Ipanema. In de appartementen aan het strand zochten jonge intellectuelen en muzikanten naar een nieuw geluid. Ze wilden de traditionele, vaak luide en snelle Samba-maat van de straten van Rio veranderen in iets intiemers, zachters en intellectuelers. Het geboorte-uur van de Bossa Nova was aangebroken. Als mijlpaal van deze ontwikkeling geldt het jaar 1958, waarin de zanger en gitarist João Gilberto het nummer "Chega de Saudade" opnam, gecomponeerd door Antônio Carlos Jobim met teksten van Vinícius de Moraes. Deze Samba geschiedenis en oorsprong laat zien hoe de muziek veranderde van de door Afrika beïnvloede trommelritmes naar een jazzy, minimalistisch kamerspel.
Van luid carnaval naar zacht gefluister
De Bossa Nova herkomst is onlosmakelijk verbonden met de klassieke Samba, maar de esthetiek verschilt radicaal. In plaats van de donderende percussiegolven van een hele Bateria, reduceerde João Gilberto het ritme tot de essentie: een gesyncopeerde, fluisterende begeleiding op de nylonsnarige gitaar, gecombineerd met een bijna gesproken, ademende zangstijl. Deze "nieuwe golf", wat Bossa Nova vertaald betekent, verenigde de ritmische complexiteit van Brazilië met de harmonische structuren van de Noord-Amerikaanse Cool Jazz. Beroemde Bossa Nova muzikanten zoals Jobim, Gilberto en de zangeres Astrud Gilberto maakten deze elegante hybride wereldberoemd. Met de wereldhit "The Girl from Ipanema" veroverde het zachte geluid in de jaren 1960 de wereldwijde hitlijsten en definieerde het de wereldwijde voorstelling van Braziliaanse elegantie volledig opnieuw, zonder dat men daarvoor de wilde passen van het carnaval hoefde te beheersen.


