Ga naar hoofdinhoud
Swingtechniek6 minuten

Oefen de basispas van Collegiate Shag in zes tellen

Door Mary De LucaBijgewerkt op

Kort gezegd
  • De Double-Rhythm-basisdanspas in Collegiate Shag bestaat uit Slow, Slow, Quick, Quick op zes tellen.
  • Elke Slow duurt twee tellen: je zet een stap en veert na op hetzelfde standbeen.
  • De twee Quicks zijn losse stappen op tel vijf en zes, telkens met een gewichtsverplaatsing.
  • In het paar begint de leidende persoon links, de volgende persoon rechts, met kleine stappen en soepele knieën.

Bij snelle muziek lijkt deze reeks al snel hectisch, hoewel je voeten maar weinig ruimte nodig hebben. Het belangrijkste is dat je tussen twee passen blijft bewegen, zonder per ongeluk een extra voetwissel in te bouwen.

Dit heb je nodig voor de oefening

  • Vlakke, vrije vloer met goede grip
  • Comfortabele kleding en platte, goed zittende schoenen
  • Een hoorbare, gelijkmatige muziekbeat
  • Een tweede persoon voor de afsluitende paaroefening
  • Pijnvrije, licht gebogen knieën en enkels

Een Slow blijft twee tellen op hetzelfde standbeen

Bij Double Rhythm Shag betekent een Slow niet dat je een stap in slow motion uitvoert. De gewichtsverplaatsing begint op de eerste tel, daarna volgt op de tweede tel een kleine verende actie op hetzelfde been. Als geheugensteuntje kun je stap, hop, stap, hop, stap, stap zeggen. De hop is een kleine vering, geen sprong omhoog. Je vrije voet mag daarbij iets van de vloer komen, maar neemt nog geen gewicht over.

Zo ontstaan er vier gewichtsverplaatsingen binnen zes tellen. Een veelvoorkomende verwarring is om op elke hoorbare tel van voet te wisselen. Dan verdwijnen de twee Slows en dans je zes even snelle stappen. Ook is het niet handig om op twee en vier helemaal stil te staan. De puls loopt daar gewoon door, alleen blijft hetzelfde been je standbeen.

Houd je knieën soepel en je bovenlichaam rechtop. De vering komt uit de samenwerking tussen je enkels en knieën, niet uit het krachtig optrekken van je schouders. Kies een tempo waarbij je zacht landt. Als je later langer of sneller wilt oefenen, helpt de handleiding voor het stapsgewijs opbouwen van je dansbelasting je daarbij. Voor lessen met precies dit leerdoel laat de gids over de geschikte Swing-danscursus je zien wat het verschil is tussen basislessen en figurenlessen.

Lichte voetstappen laten horen of je beweging gecontroleerd blijft of dat je al te hard landt.
Lichte voetstappen laten horen of je beweging gecontroleerd blijft of dat je al te hard landt.

De basispas solo opbouwen en verbinden

  1. Veer subtiel mee op de beat

    Zet je voeten ongeveer op heupbreedte en verplaats je gewicht naar rechts. Veer met ontspannen knieën een paar tellen licht mee, zonder van voet te wisselen; houd je hoofd en schouders daarbij rustig in plaats van bij elke tel omhoog te schieten.

  2. Zet de eerste slow links

    Zet op tel één je linkervoet klein naast of iets voor je rechtervoet en verplaats je gewicht volledig. Veer op tel twee na op je linkerbeen; je rechtervoet blijft vrij, zonder een extra stap te zetten.

  3. De tweede Slow rechts zetten

    Zet op drie je rechtervoet met een kleine stap neer en verplaats je gewicht naar rechts. Laat op vier de lage hopactie op rechts volgen; als je je linkervoet even kunt optillen, is je standbeen duidelijk.

  4. De quicks op vijf en zes gaan

    Wissel op vijf naar links en op zes naar rechts, telkens met een klein stapje. Tussen deze twee quicks komt geen extra hopslag; houd je voeten dicht onder je lichaam in plaats van ver naar buiten te stappen.

  5. Meerdere reeksen zonder pauze verbinden

    Begin na zes meteen opnieuw met links op de volgende één. Tel de hele reeks langzaam hardop en herhaal deze meerdere keren; de overgang is geslaagd als je geen verzamelpas nodig hebt en elke nieuwe ronde weer met links begint.

  6. De reeks in het paar spiegelen

    Neem een ontspannen gesloten houding aan: de leidende persoon legt de rechterhand op het linkerschouderblad, de volgende persoon legt de linkerhand op de rechterbovenarm van de leidende persoon. Verbind de vrije handen losjes en dans klein op de plaats, waarbij de leidende persoon met links begint en de volgende persoon met rechts.

  7. Houd samen de puls van de muziek vast

    Luister eerst samen naar de beat en tel daarna meerdere reeksen van zes mee op de muziek. Staat een van jullie op tel twee of vier op het verkeerde been, stop dan en begin opnieuw. Verhoog het tempo pas als jullie zonder aan elkaars armen te trekken samen blijven dansen.

Deze correcties maken de aflevering duidelijker

Zo doe je het

  • Houd de vrije voet tijdens de slow dicht bij de grond
  • Houd je knieën soepel bij contact met de grond
  • Plaats je stap onder je eigen lichaam
  • Houd de verbonden hand ongeveer op dezelfde hoogte

Niet zo

  • De vrije voet tijdens de Slow ver naar voren zwaaien
  • Met gestrekte knieën landen
  • Bij elke stap ver van je partner af stappen
  • De verbonden hand bij elke hop omhoogtrekken

Vink je oefening af per tijdstip

Voor de eerste ronde

Start

Na de solo-oefening

Controle

Na de partneroefening

Afronding

Veelgestelde vragen

  1. Nee, voor deze basisoefening is heel licht en zacht veren voldoende. Bij de hop kan je standvoet kort van de vloer komen, maar hoogte is geen doel van de oefening. Als je hard landt of je schouders optrekt, maak je de beweging kleiner en verlaag je het tempo, in plaats van krachtiger af te zetten.

Paardanslessen voor je volgende oefensessies

Als je samen de basispas wilt oefenen, vind je op udansa paardanslessen en kun je gericht zoeken naar Collegiate Shag.

Alle passende lessen bekijken

Komende evenementen in deze dansstijl

Samen het zes-tellenritme aanhouden

Op udansa connect vind je danspartners met wie je Slow, Slow, Quick, Quick kunt oefenen. Noem Collegiate Shag en je oefentempo, zodat jullie met hetzelfde doel beginnen.

Samen het zes-tellenritme aanhouden