Voordat je je op de dansvloer waagt, helpt een blik op de muzikale structuur. De muziek is gebaseerd op een duidelijke vierkwartsmaat. Wie de fundamentele ritmestructuur van Bachata-muziek begrijpt, verliest nooit de oriëntatie. Er wordt geteld volgens het klassieke schema van één tot acht. De eigenlijke basispas strekt zich uit over vier tellen: drie passen leiden naar de zijkant of naar voren en achteren, gevolgd door een zogenaamde tap op de vierde tel. Deze tap is een lichte aanraking van de vloer met de bal van de voet, vaak vergezeld door een zachte, karakteristieke heupbeweging.
Deze handleiding voor de Bachata-basispas vormt het fundament voor alle verdere figuren. Heb je dit patroon eenmaal verinnerlijkt, dan kun je je bijna overal ter wereld op de dansvloer wagen. In de loop van de tijd hebben zich echter verschillende stromingen ontwikkeld. De belangrijkste verschillen tussen de Bachata-stijlen tonen zich in de bewegingsradius: terwijl de traditionele Bachata Dominicana erg speels en met snel voetenwerk wordt gedanst, benadrukt de moderne stijl zachte, vloeiende lichaamsgolven. Wie in de regio Beieren begint, vindt bijvoorbeeld bij Bachata Sensual in München een bijzonder populaire, moderne variant van de dans.