De beweging komt voort uit de gewichtsverplaatsing
Meedeinen is een herhaalde verplaatsing van je gewicht van de ene naar de andere kant. Als je staat, verplaatst je gewicht zich van de ene voet naar de andere, je romp volgt die kleine beweging. Beide voeten kunnen daarbij op de grond blijven. Als je alleen je hoofd of schouders heen en weer beweegt terwijl je gewicht in het midden blijft, ontstaat er eerder een knikbeweging in je bovenlichaam. Houd je hoofd ongeveer boven je bekken en je knieën soepel.
Eén kant op meedeinen is niet automatisch een hele muziekmaat. De hoorbare puls en het tempo van de groep bepalen hoe lang één kant op duurt. Bij snelle muziek kan het prettig zijn om één wissel over twee basis tellen te verdelen. Dat is een oefentip, geen vaste regel voor elk liedje. Het belangrijkste is dat je samen met de mensen direct naast je naar dezelfde kant wisselt, in plaats van elke tel gehaast uit te dansen.
Anders dan bij bewegende meedoe-dansen voor carnaval blijf je op je plek. Er is geen voorgeschreven rol voor een danspartner en je hoeft niet in te haken. Als je het lastig vindt om de puls te horen, helpen de ritmeoefeningen uit de gids over de danscursus voor beginners zonder voorkennis ook bij het zijwaarts wisselen.




