Dansen combineert meerdere lichamelijke vaardigheden
Bij het dansen volgt niet alleen de ene voet de andere. Je verplaatst je gewicht, houdt je lichaam boven je steunvlak en past je bewegingen aan het ritme aan. Een stap opzij vraagt om andere controle dan een draai. Zo worden uithoudingsvermogen, balans en coördinatie binnen dezelfde activiteit aangesproken, al gebeurt dat niet in elke dansles even sterk.
Een langzame reeks met veel uitleg- en pauzemomenten vraagt vooral om aandacht en nauwkeurige bewegingen. Meerdere vlotte nummers achter elkaar belasten ook je hart en bloedsomloop. Dieper door je knieën buigen en stappen gecontroleerd opvangen vragen spierkracht. De naam van de dans zegt daarom weinig over de daadwerkelijke trainingsbelasting. Het tempo, de paslengte, de pauzes en je vaardigheden maken een groot verschil.
Je merkt lichamelijke vooruitgang niet alleen doordat je het langer volhoudt. Misschien sta je na een richtingsverandering stabieler of heb je bij dezelfde reeks minder corrigerende stappen nodig. Hoe gewichtsverplaatsingen een beweging ondersteunen, zie je bijvoorbeeld bij de basisstappen en leeronderdelen van Line Dance. Zulke technische verbeteringen horen bij de voordelen van dansen, ook als je horloge geen opvallende trainingswaarden laat zien.




