Kransdansen delen een vorm, maar niet dezelfde passen
Griekse dansen omvatten verschillende lijn- en kringvormen. Kalamatianos heeft bijvoorbeeld een kenmerkende indeling in zeven tellen, die meestal wordt gevoeld als 3 + 2 + 2. Het langere eerste deel verandert de beweging: gelijkmatig tellen zoals bij een mars past niet bij het ritme. De open rij volgt de persoon die vooropgaat, terwijl de handverbinding de afstand stabiel houdt.
Als je Sirtaki wilt leren, maak je daarentegen kennis met een choreografie uit de film Alexis Sorbas uit 1964. Die combineert langzamere en snellere elementen, die aansluiten bij Hasapiko en Hasaposerviko. Om te beginnen oefen je zijwaartse gewichtsverplaatsingen en kleine kruispassen zonder het tempo op te voeren. De schouderverbinding mag geen druk op je nek veroorzaken. Hoe film een dansbeeld bepaalt, lees je ook in de gids over dansen uit film en televisie.
Hora is geen universele handleiding. Je komt de naam onder meer tegen in Roemeense, Israëlische en andere Zuidoost-Europese contexten, met uiteenlopende passen. Israëlische kringdansen hebben vaak vaste choreografieën op bepaalde liedjes. Bij de bekende Mayim Mayim hoort een zijwaartse kruispasreeks bij het bewegingsmateriaal: opzij, achterlangs kruisen, opzij, voorlangs kruisen. Oefen die klein en met soepele knieën. Deze reeks beschrijft echter niet elke Israëlische Hora en evenmin de Roemeense dansfamilie.

