De namen volgen regio’s, niet landsgrenzen
Duitse volksdansen vormen geen gesloten repertoire. Polka, Ländler en Schottisch komen ook voor in Oostenrijk en Zwitserland, vaak met lokale namen en eigen figuren. Een naam beschrijft eerder een dansfamilie dan een choreografie die overal hetzelfde is. De Polka verspreidde zich in de 19e eeuw vanuit Bohemen tot ver buiten het Duitstalige gebied, en is daarom geen uitsluitend Duitse dans.
Bij Beierse dansen kom je naast Polka en Ländler vooral Boarischer en Schuhplattler tegen. In Oostenrijk behoren Ländler en verschillende Polkavormen tot het regionale repertoire. In Zwitserland vind je onder andere Schottisch, Polka en lokale Ländlervormen. Zwitserse Ländlermuziek verwijst bovendien naar een muzikale traditie waarvan het repertoire niet uitsluitend uit dansen in driekwartsmaat bestaat. Rheinländer wordt ook buiten de gelijknamige regio gedanst.
Ook de Schuhplattler is niet zomaar een Polka met geklap: ritmische slagen op de dijen, schoenen of zolen bepalen de vorm, vaak op muziek in driekwartsmaat. Afzonderlijke dansen leggen vast welke slagreeksen, draaien en passen met een partner erbij horen. Bij de Ländler helpt dezelfde driekwartsmaat als bij de wals je om je te oriënteren, maar dat betekent niet dat je de techniek van de Weense wals ongewijzigd kunt overnemen.



