Eén gezamenlijke beweging ondersteunt beide varianten
Wanneer tijdens carnaval een leeftijdsgemengde groep samenkomt, hoeft niet elk kind dezelfde details uit te voeren. Het belangrijkste is dat je een beweging aanbiedt waarvan de basisvorm bij iedereen zichtbaar blijft. Een aanvulling verandert dan een deel van de opdracht, niet de hele dans.
Een voorbeeld is zachtjes veren met licht gebogen knieën. In de basis blijven de handen op schouderhoogte, zonder de schouders op te trekken. De vrijwillige aanvulling bestaat uit één arm omhoogstrekken en weer laten zakken, en daarna de andere arm. Het veren gaat door. Wanneer je de overgang naar de volgende beweging laat zien, zijn de handen bij beide varianten weer op schouderhoogte.
De extra opdracht kost geen extra tijd. Wie de armen erbij beweegt, blijft daardoor meedoen met de gezamenlijke overgang. Wie alleen veert, hoeft niet te wachten tot anderen hun opdracht hebben afgerond. De uitdaging zit hier in de combinatie van benen en armen, niet in een hoger tempo of grotere stappen.
Een volledige basisreeks vind je bijvoorbeeld bij de carnavalsdans met vier getelde blokken. Voor de gemengde groep blijft het tijdschema daarvan hetzelfde, alleen één bewegingsonderdeel krijgt een optionele aanvulling.




