De maat moet bij je hand passen, niet bij het label
Als je castagnetten wilt kopen, zoek je een paar handcastagnetten voor het dansen. Souvenirparen kunnen er mooi uitzien, zonder goed op elkaar afgestemde kleppen of een betrouwbare respons. Het belangrijkste is dat beide instrumenten gecontroleerd kunnen sluiten en weer losgelaten kunnen worden.
Bij de maat van castagnetten kom je vaak nummers tegen zoals 5, 6 of 7. Deze aanduidingen vormen geen uniforme norm. Een maat 6 kan, afhankelijk van de fabrikant en het model, andere buitenafmetingen hebben. Ook aanduidingen zoals kindermaat, medium of groot vervangen geen concrete afmetingen. De lengte en breedte van je hand geven houvast, zolang de maattabel uitlegt hoe je die meet.
Je merkt of de pasvorm goed is aan je ontspannen hand: je vingers bereiken de klep zonder dat je ze ver uit elkaar hoeft te spreiden of voortdurend hoeft te strekken. Het instrument mag niet zoveel ruimte innemen dat het je vingerbeweging belemmert. Omgekeerd is een heel klein model niet automatisch makkelijker te bespelen als je steeds je hand moet verplaatsen om contact te maken.
Bij castagnetten voor beginners is de vorm die je goed kunt bereiken daarom belangrijker dan een zo groot mogelijke klankkast. De basisgedachte, dat je afzonderlijke taken in eerste instantie kunt vereenvoudigen, wordt ook uitgelegd in de gids over het coördineren van armen en benen: onnodige spanning maakt het leren extra moeilijk.

